Buitengevel ecologisch esoleren | Ecobouwers.be

U bent hier

Buitengevel ecologisch esoleren

22/11/2018 - 14:57

Mijn vriend en ik hebben al enkele keren een huis op het oog gehad waarvan de buitengevel nog ge-isoleerd/-esoleerd moest worden. Mij lijkt esoleren dan het beste, omdat je binnen geen ruimte verliest. Maar nu vroeg ik me af hoe dit zo ecologisch mogelijk kan? En wat de mogelijkheden qua afwerking zijn? Kan je ook esoleren met hennep of katoen? Kan er ook een lemen afwerking gebeuren ipv bakstenen? Iemand ervaring mee?

Vriendelijke groeten,

Sara

19 Reacties

26/11/2018 - 14:29

Over "esoleren" kan je een hele boom opzetten... en ruimteverlies is een zeer praktisch nadeel van binnenisolatie maar met binnenisolatie hoef je niet zo dik te isoleren om hetzelfde effect te hebben op uw verwarmingsfactuur.

Met isolatie is het meestal wel zo, dat hetgeen u helpt in de winter, tegen u werkt in de zomer. Zo is esolatie eigenlijk een voordeel in de zomer omdat uw bakstenen buitenmuren dan niet meer (zo snel) opwarmen in de zon terwijl je net in de winter zou willen dat uw bakstenen buitenmuren wat kunnen bijwarmen in de winterzon.

Dan wat betreft uw eigenlijke vraag... als buitenisolatie neem je best iets dat relatief robuust is voor vocht in combinatie met een relatief hoge thermische massa. Kalkhennep is dan ideaal. Ook heel goed: geëxpandeerde kurk, houtvezelplaat (mits hoge dichtheid),...

Katoen valt dan eigenlijk af maar misschien dat schapenwol wel een goed alternatief is. Wol mag zelfs vochtig worden en zal daarbij zijn isolerende waarde behouden.

Uw keuze van isolatiemateriaal zal ook afhangen van de wijze waarop je de gevel finaal gaat afwerken. Kalkhennep, kurk, houtvezel,... daar kan een minerale crepi overheen gezet worden. Met schapenwol zal je wat anders moeten doen. 

Addendum: Niet vergeten om ook uw funderingsmuren mee te isoleren (of uw muuraanzetten te onderkappen en te vervangen door cellenbeton). Ecologisch gezien, denk ik dat je daarvoor alleen maar glasschuimgranulaat kan gebruiken, misschien ook geëxpandeerde kurk maar dan in combinatie met een goed drainage-systeem.

26/11/2018 - 13:45

Je kan het ook met cellulose en houtvezel doen.

Hier een voorbeel van een nieuwbous, maar ook toepasbaar voor renovatie volgens mij:

https://passiefhuislokeren.files.wordpress.com/2010/02/img_6160.jpg

26/11/2018 - 17:15

Isolatie die nat wordt isoleert helemaal niet goed meer.

Houtwolplaat  of kalkhennep met crepi (of leem) als eindafwerking is dan ook helemaal geen goed idee. Zelfs bij xps of eps heb ik er mijn bedenkingen bij.

Aan de regenzijde werk je zelfs altijd best af met een regendicht scherm met luchtspouw om het isolatiemateriaal droog te houden.

Zelfs wol verliest isolatiewaarde met het nat worden. Wordt zelfs merkelijk zwaarder en loopt het risico uit te zakken.

Met een volle muur heb je ook helemaal geen thermische massa meer nodig in de isolatielaag, dus dat is zeker geen reden om kalkhennep te gebruiken. Maar als je toch kalkhennep wil gebruiken maak je hem juist zo licht mogelijk, want des te lichter, des te isolerender en werk hem af met bijvoorbeeld houten leien, beplanking,  grote overstekken, ...

En binnenisolatie is nooit de eerste optie. Nooit performant, want verhoogt het vochtgehalte in de buitenmuren wat sowieso ten koste gaat van isolerend vermogen en met een beetje pech nog veel meer bouw- en gezondheidsschade.

26/11/2018 - 17:11

dubbel

26/11/2018 - 17:11

dubbel

26/11/2018 - 22:13

Zeegras zou zijn isolerende waarde ook in vochtige omstandigheden bewaren... maar daar kan je dan weer geen isolatie-platen van persen.

Thermische massa in de buiten- (isolatie-) schil is hier eerder bedoeld om in de zomer warmtedoorslag van het isolerend materiaal te voorkomen en om in de winter wat zonnewarmte te kunnen bufferen... dus niet direct om het binnenklimaat op peil te houden.

27/11/2018 - 00:18

Buiten de schil heeft het geen zin om zonnewarmte te bufferen. Bovendien gaat het ten koste van isolerend vermogen want de twee eigenschappen zijn elkaars tegengestelde.

Warmtedoorslag werkt ook niet zoals je beschrijft. Warmtedoorslag 'tegenhouden' met massa is niets anders dan de massa gebruiken om de dag-nacht temperaturen te middelen doordat de massa maar traag opwarmt en weer traag afkoelt. Amplitudedemping genaamd.

En de  massa daarvoor heb je al met de bestaande volle muur. En die bestaande volle muur zal tijdens de (zomer)dag het minst opwarmen als hij langs buiten geïsoleerd is . Zal dus minder zonnewarmte ontvangen met een licht isolatiemateriaal(goede lambda) en een geventileerrde afwerking, dan bij een matig isolerende kalkhennepafwerking(matige lambda) met een cepi. De warmtedoorslag zal bij  deze laatste groter zijn dan bij de eerste.

Een licht isolatiemateriaal zou het slechter kunnen doen dan een kalkhennepmuur als er geen sprake was van een bestaande volle muur. Bijvoorbeeld als vulling van een licht houtskelet. Omdat mogelijk dan de faseverschuiving(bij de lichte vulling) kleiner is dan een etmaal en dus de nachttemperatuur de dagtemperatuur aan het eind van de middag niet meer beïnvloedt (matigt).

Zeegras: geen enkel vezelachtig (en dus capilair en hygroscopisch) materiaal behoudt zijn lambda-droog in vochtige omstandigheden.

29/11/2018 - 13:28

G,

Warmtedoorslag

Je vergelijkt appelen met peren. Ofwel beide vergelijken als buitenisolatie achter een geventileerde gevel, ofwel beide als buitenisolatie met een laag crepi erop.

Ik heb wel eens een Franse studie gelezen dat als het om zomerse warmtedoorslag gaat, isolatie (+crepi) aan de buitenzijde gunstiger is ("Crepi + EPS + Baksteen" wint van "Crepi + Baksteen + EPS"). Maar in de winter wil je dus eigenlijk het omgekeerde... al gaat het dan zelden of nooit tot een doorslag komen, je wenst eigenlijk wel zoveel mogelijk zonnewarmte te bufferen... vandaar dat een isolerend materiaal met goede warmtecapaciteit misschien de ideale tussenweg is.

Vocht en isolatiemateriaal

Misschien is het beter te stellen dat de meeste materialen enige vorm van isolerende werking weten te behouden..wanneer de RV stijgt. Net zoals het Fraunhofer instituut dat doet als het om Zeegras gaat: "[Seegrass] Fibers act as a buffer, absorbing water vapor and releasing it again without impairing its own ability to keep the building insulated".

Volgens de ene studie is schapenwol nauwelijks gevoelig voor vocht (5% variatie lambda bij delta 20% RH), volgens de andere eigenlijk behoorlijk gevoelig (tot 40% variatie lambda bij delta 20% RH).

Voordeel van schapenwol is wel dat het tijdelijk druipnat mag worden zonder dat dit een nadelig effect heeft op de levensduur. Zeegras is ook zo'n (eco-) materiaal.

29/11/2018 - 15:49

Goed appelen en peren.

Voor zomerse warmtedoorslag, isolatiemateriaal telkens zelfde dikte, het verschil is de thermische warmtecapaciteit, dus gewicht van de isolatie):

Appelen: volle muur+licht isolatiemateriaal+crepi versus volle muur+ zwaar isolatiemateriaal +crepi

licht isolatiemateriaal presteert beter. reden: licht isolatiemateriaal heeft bij gelijke dikte een hogere thermische weerstand (want lagere lamda) en zal dus minder warmte naar de muur doorlaten.

Peren:volle muur+licht isolatiemateriaal+geventileerde gevelafwerking versus volle muur+ zwaar isolatiemateriaal +geventileerde gevelafwerking

licht isolatiemateriaal presteert beter. reden: licht isolatiemateriaal heeft bij gelijke dikte een hogere thermische weerstand (want lagere lamda) en zal dus minder warmte naar de muur doorlaten.

Conclusie: zowel in de categorie Peren als in de categorie Appelen scoort het lichte isolatiemateriaal beter op de warmtedoorslag in combi met een volle muur.

Franse studie: natuurlijk dat is evident. Het is ook de (nachtelijke) koelte die je zolang mogelijk in de steen wil houden en dus met isolatie van de zon wil afschermen. Andersom is er niets om de koelte vast te houden. Mag ik opmerken dat je hier Appelen met Pruimen aan het vergelijken bent ?

Binnenisolatie is in ons klimaat trouwens eerder niet aangeraden owv vochtproblemen door interne condensatie dan owv de warmtedoorslag. De vergelijking met warme klimaten gaat op dat punt(vocht) niet altijd op omdat in warme klimaten de dampdruk andersom loopt (meestal moet de warmte buitengehouden worden ipv binnen). Altijd oppassen met oplossingen en toepassingen uit andere klimaten.

zeegras, schaapswol,kalkhennep, ...

Prima materialen, maar zoals de reclamefolders en veel bouwers er nu mee omgaan gaat dat tot vele misverstanden en problemen leiden.

De marge die je hebt omdat een produkt weer prima opdroogt en terug prima functioneert nadat het eens is natgeworden moet je niet gaan interpreteren dat het in die omstandigheid zelf ook goed isoleert of erger nog dat je die eigenschap dagelijks moet gaan gebruiken.

De link van het Fraunhofer is geen studie, maar een reclame/introduktietekst van een produkt. Neptutherm. En eigenlijk staat er letterlijk dat het vocht kan bufferen, terug kan drogen en zijn isolerende eigenschappen niet verliest. Dus als het terug droog is ....

Trucken van de foor die vaak in reclamefolders staan. En vaak wordt het gelezen zoals jij doet, maar het staat er niet ... Overigens heeft Neptutherm nog steeds geen officieel keuringsrapport en beweren ze dus voorlopig wat ze willen. Daardoor moet zelfs voor de lambda-droog in Duitsland nog steeds met de waarde bij ontstentenis gerekend worden bij officiële projecten.Leider muss für die Berechnung der U-werte eines Bauteils ein Wert von 0,045 W/m.K angesetzt werden, da uns vom DIBT – als nicht genormtem Produkt – ein sogenannter „Sicherheitszuschlag“ von 15 % aufgeschlagen wird.  Bron:  https://neptugmbh.de/die-bauphysik/

Ivm:  quote "schapenwol nauwelijks gevoelig voor vocht (5% variatie lambda bij delta 20% RH)"

Ook mee oppassen. RH gaat over waterdamp in de lucht 0-99%, dus nog steeds de gasfase.Pas vanaf 100% spreken we van water.Daarna hebben we over watercontent in volumeprocenten, de vloeibare fase van water.  Interne condensatie gaat over vloeibaar water in de isolatie en niet over isolatie in een lucht met een bepaalde RH. Het is het vloeibaar water dat de thermische weerstand volledig doet kelderen.

29/11/2018 - 18:37

Hmm, wat de categorie 'Appelen' betreft, daar ga ik toch niet mee akkoord. Warmtedoorslag is een samenspel van lambda en thermische capaciteit van de betreffende laag (dikte x massa dichtheid x soortelijke warmte). Je kan dat quantificeren met formules voor Time Lag, Thermische Inertie, e.a. Dus zeggen dat het lichtste isolatiemateriaal wint, is toch wat te kort door de bocht in mijn ogen.

Wat die studies betreffen over het vochtgehalte en de invloed op lambda... ik had idd. niet de term 'RH' mogen gebruiken maar die ene pdf-studie heeft het wel degelijk over the moisture content of the specimen... en dus niet van de lucht.

30/11/2018 - 18:21

Keon,

Lees het even terug, want ik zeg niet dat het lichtste materiaal sowieso wint, ik zeg “in combi met de volle muur”. Dus de benodigde massa was er al. En in dát geval is het optimum degene met de lichtste isolatie. Zonder volle muur sprak al van een houtskeletvulling.

“the moisture content of the specimen”:

Het gaat hier nochtans toch om een ‘droog’ specimen onder een bepaalde RH (=vocht/temperatuur conditie). Ik verklaar me even:

Een “droog” vezelrijk product heeft intern ook een bepaald percentage moleculair gebonden water.

De hoeveelheid moleculair gebonden water hangt af van de stofeigenschappen (zijn densiteit bijvoorbeeld), MAAR ook van de temperatuur en vocht van het milieu waar hij inzit. Het is dus een relatief getal dat we in het Nederlands “evenwichtsvochtgehalte” noemen. Eenvoudig voorbeeld: oude plankenvloer gaat kieren in de winter bij lage RV en de kieren komen ongeveer tegen elkaar in periodes van hoge RV. Toch zijn deze planken niet “nat”. Er is geen sprake van vloeibaar water.

Dus onder stijgende RV (0-99%) van de lucht zullen vezelrijke specimen steeds meer watermoleculen gaan binden = hoger evenwichtsvochtgehalte.  Dit gaat om zeer kleine hoeveelheden(moleculair), die  toch ook al kleine verslechtering in de lambda-waarde kunnen opleveren(tientallen procenten mogelijk).

Een isolatiemateriaal dat ‘droog’ achter een geventileerde gevel(of dak) zit heeft ook te maken met de wijzigende RV van de buitenlucht en het kan dus zeker interessant zijn om te weten of ‘droge’isolatie in die omstandigheid veel , dan weinig moleculair water gaat binden en dus veel of weinig lambdawaarde gaat verliezen door een verhoging van het evenwichtsvochtgehalte. (geslotencellig foamglas heeft er bijvoorbeeld geen last van, natuurlijke vezels verliezen al snel +20% van de warmteweerstand).

Maar het punt is dat het hier niet over vloeibaar water gaat, vloeibaar water is niet chemisch gebonden, maar is vrij water dat tussen de vezels zit. Oorzaken zijn regendoorslag, lekken, interne condensatie, …. Dan zie je dus ook echt vloeibaar water.

Moisture content is hier het evenwichtsvochtgehalte tussen 0 en 99% RV van het omliggend milieu, maar de saturatie wordt nog niet bereikt en er is nog geen vloeibaar water in het materiaal.

Schaapswol verliest dus relatief weinig thermische capaciteit bij een stijging van 20% van zijn evenwichtsvochtgehalte. Als de RV in de ruimte bijvoorbeeld van 50%RV naar 80%RV stijgt (gokje, ik weet niet precies hoeveel de RV van de lucht moet stijgen opdat het evenwichtsvochtgehalte van schaapswol 20% toeneemt).

Maar het zegt dus niets over hoeveel thermische weerstand ze verliezen als ze “nat” worden.

Dat zijn namelijk dramatisch, exponentiele stijgingen met honderden procenten.

01/12/2018 - 23:39

Als we twee volle muren beschouwen en ik zet aan de buitenzijde voor de eerste muur 50mm EPS en voor de tweede muur 50mm kalkhennep dan zal de EPS-muur sneller last hebben van warmtedoorslag omdat de thermische capaciteit van EPS lager is dan die van kalkhennep. Plus, in EPS zet een warmtegolf zich 5x sneller voort dan in kalkhennep (diffusiviteit ligt ca. 5x hoger).

Voor isolatie achter een geventileerde voorzetgevel geldt in weze hetzelfde al zullen de verschillen vermoedelijk minder uitgesproken zijn omdat er dan geen rechtstreekse aanstraling is van de zon.

Maar de vraag is, met welk isolatiesysteem en/of -materiaal kan ik ook nog maximaal profiteren van de zonnestralen in de winter? In geval van rechtstreekse aanstraling door de zon ben je volgens mij ook hier beter af met een isolatiemateriaal met een hogere therm. capaciteit. In geval van geventileerde gevels (geen rechtstreekse aanstraling) denk ik dat je beter af bent met een materiaal met de beste lambda, de luchttemperatuur achter de geventileerde gevel blijft immers quasi gelijk aan die aan de noordgevel.

En vervolgens moet je u afvragen welk materiaal of systeem het best reageert op de nachtelijke afkoelcyclus in de winter... Ook hier "wint" het materiaal met de beste thermische capaciteit en diffusiviteit.

Wil het beste in de twee seizoenen dan zal je iets moeten bedenken als een spouwmuur met een geventileerde luchtspouw die stuurbaar is: geen spouwventilatie in de winter en in de zomer ventilatie ifv de spouwtemperatuur vs buitentemperatuur.

Wat het evenwichtsvochtgehalte betreft... ik ben mee. Volgens deze studie haalt schapenwol een evenwichtsvochtgehalte van ca. 35 gew.% bij luchttemp. van 5°C en een RV van ca. 96%.

Verder is schapenwol waterafstotend... vandaar dat menigen concluderen dat het "nat" mag worden en dan nog weet te isoleren. Zolang de wol het water van zich af kan stoten, zou dit misschien wel kunnen (en als je dan voor de grenslaag (1cm?) de lambda-waarde van water neemt (0,6W/m.K) zit je wel goed zeker?).

03/12/2018 - 17:26

 Keon,

                                    densiteit[kg/m³]   lambda[W/mK]     diffusiviteit[mm²/s  effusiviteit[J/m²K(s ^0,5)]

kalkhennep                   502                          0,12                           0,141                          314

EPS                                29                          0,03                            0,77                              25

Baksteen                    2000                          0,71                            0,43                          1091

Quote Keon: “de EPS-muur sneller last hebben van warmtedoorslag omdat de thermische capaciteit van EPS lager is dan die van kalkhennep. Plus, in EPS zet een warmtegolf zich 5x sneller voort dan in kalkhennep (diffusiviteit ligt ca. 5x hoger)…… nachtelijke afkoelcyclus….”

1)De thermische capaciteit is inderdaad lager van EPS, maar dat zegt alleen iets over hoeveel warmte (energie) de eps/kalkhennep kan opslaan. Dat zegt op zich niets over hoeveel warmte (energie) ze door laten. Voor dat laatste kijk je naar de lambdawaarde. Kalkhennep laat dan 4 keer meer door.

2)diffusiviteit is inderdaad ongeveer 5X hoger voor EPS, dus de EPS is inderdaad ongeveer 5X zo snel aangepast aan de omgevingstemperatuur (zoninstraling op een zuidmuur bijvoorbeeld), maar dat zorgt er enkel voor dat eps 5X zo snel z’n maximum temperatuur bereikt, andersom als de zon van de gevel wegdraait zal de eps zich ook 5X zo snel terug aanpassen aan de nieuwe situatie. Broekzak-vestzak operatie. 

3)Waar je naar moet kijken om te weten hoeveel energie een materiaal uitwisselt met zijn omgeving per graad temperatuurverschil en per tijdseenheid moet je kijken naar de Effusiviteit. En die is 12 keer hoger voor kalkhennep dan EPS.  Zelfde redenering de andere kant op voor de nachtelijke afkoeling. 

Kortom, kalkhennep kent een tragere piekverloop, spreidt de warmteflux ook meer in de tijd, maar wisselt vooral veel meer warmte uit.

De bakstenen muur die erachter wacht is als een enorm traag vliegwiel als het om opwarmen/afkoelen gaat. Die maakt het echt niet uit of er snel na de zon aan gedraaid wordt of dat het wat langer duurt voor de start. Ook niet of snel kort gedraaid wordt versus trager en langer. Wat het verschil voor het zware vliegwiel zal maken is met hoeveel vermogen er gemiddeld aan gedraaid wordt op een etmaal. 

Schapenwol: de hydrofobe eigenschappen zijn zeker een voordeel voor korte kledingstukken. Bij lichte motregen of mist blijft het water wel een beetje aan de buitenkant parelen en schud je het af en toe er af. Een reden waarom ik ook graag wol draag. Maar voor een echte regenbui draag je geen wollen trui.

Idem voor de gevel: een normale (slag)regen doorbreekt makkelijk de hydrofobe krachten en zelfs een lichte motregen doet de druppels al snel aangroeien tot een doorweekte boel. De gevel schudt zich niet en de hoogte maakt dat er snel veel water accumuleert naar beneden.

Dan wordt het soms nog gebruikt voor binnen-isolatie: tja, de condensatie treedt per definitie op ter hoogte van de grenslaag tussen isolatie en (koudere)muur. Je wil dat het naar binnen opdroogt, maar het water zit achter een hydrofobe laag .... bevordert niet echt het vlot opdrogen in deze toepassing

03/12/2018 - 19:52

G,

Wij zijn hier een discussie van twee jaar geleden aan het overdoen (merk ik)...

Ik ga daar nog dit over zeggen. We hebben het hier over een niet-stationaire situatie, dus je moet niet enkel naar Lambda kijken maar ook naar de thermische capaciteit van uw materiaal (hetgeen jij nu eigenlijk doet door de effusiviteit te betrekken).

De laag isolatie zal de bakstenen muur pas beginnen opwarmen als de temperatuur op de grenslaag isolatie-baksteen gaat stijgen en hoe langer dit duurt, het later de warmte doordringing naar binnen (en hoe beter de amplitudedemping). Het verschil in temperatuur is immers de drijvende kracht achter warmte-uitwisseling. Hoe groter de warmtecapaciteit en hoe lager de diffusiviteit van mijn buitenisolatie, hoe langer het zal duren voor de temperatuur aan de grenslaag gaat stijgen. Hoeveel warmte het isolatiemateriaal dan doorlaat omwille van zijn hoge of lage Lambda zal mij worst wezen, die speelt op dat moment geen directe rol. Hetgeen mij op dat moment interesseert, is hoe snel en tot welke temperatuur de grenslaag stijgt (zolang die niet stijgt, zal de bakstenen muur - en het binnenklimaat! - immers niets merken).

En in de winter ben ik in het omgekeerde geïnteresseerd: hoe snelt daalt de temperatuur op de grenslaag bij nachtelijke afkoeling, ook hier interesseert de pure Lambda waarde mij eigenlijk geen fluit!

In 2016 heb je eens in een andere discussie een zeer interessante link gepost over de getuigenis van prof. A. Janssens over (na-) isolatie van gebouwen (waarvoor dank trouwens). De prof moest op een gegeven moment toegeven dat de woningen geïsoleerd volgens hedendaagse normen wel degelijk beter presteren op energetisch vlak maar niet zo goed als de berekeningen vooropstellen. Ik weet niet of jij daar een verklaring voor hebt, maar in mijn ogen heeft dit te maken met niet te kijken naar de thermische capaciteiten van dak en gevels (zie de EPB regelgeving, men kijkt enkel naar de u-waarde van dak en gevel, geen woord over de thermische capaciteit ervan).

04/12/2018 - 02:31

Keon,

Warmtedoorslag laat zich beschrijven door (faseverschuiving én amplitudedemping) of (diffusiviteit én effusiviteit).

Jij lijkt het telkens te willen beschrijven met één parameter ipv twee.

En als volgens jou het afhangt van de diffusiviteit (a), de specifieke warmtecapaciteit (Cp) en de dichtheid (rho), dan interesseert de lambda jou vanzelf wél een fluit, want  a=lambda / (rho *Cp).

De diffusiviteit geeft een maat voor de snelheid waarmee de temperatuur zich aanpast. Die snelheid heeft niets te maken met de HOEVEELHEID warmte. Temperatuur(verschil) is geen warmte, zoals hoogte(verschil) geen potentiele energie is. De eersten laten zich uitdrukken in °C en meter, de laatsten in Joule, wat niet wegneemt dat er een tempertuurverschil moet zijn voor een warmtestroom en een hoogteverschil voor potentiele energie.

En de kloof tussen werkelijk energieverbruik versus berekend energieverbruik is inderdaad een andere discussie. En neen ik denk niet dat het veel met thermische massa te maken heeft. Toch niet bij nieuwbouw. En met inertie wordt wél gerekend in de EPB.

Inertie in combi met vocht is wél één van de factoren in de kloof, maar dan eerder bij renovatie omdat men de werking van oude gebouwen niet begrijpt. De randvoorwaarden om koudebruggen en interne condensatie te vermijden worden doorgaans(!) wel goed opgevolgd en begrepen bij nieuwbouw, maar bij renovatie lijken we zowel de oude bouwlogica als de nieuwbouwlogica door elkaar te mogen hutselen. Vele maatregelen brengen daardoor bij renovatie niet of nauwelijks de energetische besparing die beloofd werd, maar verhogen vaak wel de afbetalingskosten én de onderhoudskosten. 

Uitvoering: Er worden nogal wat goede ontwerpen wat slechter uitgevoerd dan ze op papier gezet en berekend werden. Vele bouwheren vinden dat niet eens een probleem. De berekening en de details zijn voor hen vooral iets om de bouwvergunning binnen te halen, daarna kent iedereen wel ergens een handige nonkel, twee Polen en nog een paar achterpoortjes.

Prebound:Verder is genoegzaam bekend dat er fouten zaten en zitten in de manier van berekenen (te optimistische "labo"-waarden voor nieuwe materialen én te slechte waarden "bij ontstentenis" voor oude materialen). Grote volumes die automatisch beter scoren dan kleine bij eenzelfde vorm, inmiddels (2018) aangepakt met het S-peil. Vocht wordt nog steeds niet ingeteld: zet bij een renovatie een dik pak isolatie binnen of buiten de gevel, voor de epb is het resultaat hetzelfde. Zet op je westmuur leem op je houtwolplaten of een geventileerde waterdichte afwerking: de epb rekent beide alsof ze kurkdroog zijn. leesvoer:https://www.arct.cam.ac.uk/Downloads/introducing-the-prebound-effect-the...

Rebound:Vaak wordt berekende besparing omgezet in comfortneming. Het aantal verwarmde m² per persoon stijgt nog steeds.lampen worden zuiniger, dus gebruiken we steeds meer lampen. Auto's worden zuiniger, dus rijden we steeds meer kilometers. Jevons paradox: met vooruitgangsgeloof en efficiëntiedenken gaan we het niet redden, iets wat de Bond van het Beter Leefmilieu zich ook wel eens had kunnen bedenken ipv de greenwash-machine te spelen van de bouwindustrie.

12/12/2018 - 01:16

MaiaVanmanwe wrote:

Warmtedoorslag laat zich beschrijven door (faseverschuiving én amplitudedemping) of (diffusiviteit én effusiviteit).

Jij lijkt het telkens te willen beschrijven met één parameter ipv twee.

Misschien ga ik idd. wat kort door de bocht maar met een faseverschuiving krijg je automatisch een amplitudedemping omdat wanneer de buitentemperatuur weer daalt, de warmte in twee richtingen kan gaan stromen... een deel terug naar buiten en een deel verder naar binnen. De temperatuurspiek wordt daardoor automatisch kleiner.

De kloof tussen werkelijk energieverbruik versus berekend energieverbruik...

Jammer genoeg zegt die UK-studie niets over de wijze waarop de woningen werden gerenoveerd:

  • Binnenisolatie vs Buitenisolatie maakt een verschil.
  • Werden er altijd nieuwe ramen geplaatst?
  • Welke koudebruggen werden (niet) aangepakt? Bijv. muuraanzetten.
  • In welke mate werd de luchtdichting verbeterd?
  • In hoeveel gevallen werd er een balansventilatiesysteem D geplaatst?
  • In welke woningen werd er overgestapt van stralingswarmte naar convectiewarmte?

12/12/2018 - 01:51

Keon,

Tijdens de uren van zonnestraling (zomerdag, zuidmuur waren we over bezig dacht ik) is de buitenmuur ook warmer dan de buitenomgeving en de binnenomgeving. Dus ook dan gaat de warmte(in de muur) twee richtingen uit ... Conductie naar binnen, langgolvige straling naar de buitenomgeving en convectie naar de buitenomgeving. De conductie naar binnen wordt aan het binnenoppervlak uiteraard ook omgezet naar convectie- en stralingsverliezen naar de binnenomgeving.

12/12/2018 - 01:50

Ja goed maar er wordt wel constant stralingsenergie bij ingebracht. Het is pas als de zonnestraling afneemt (als de piek dus voorbij is) dat er netto warmte naar buiten stroomt.

12/12/2018 - 02:44

Ik begrijp niet goed waar je heen wil, maar de energie die van de muur naar buiten stroomt is eigenlijk alleen afhankelijk van de muurtemperatuur en de omgevingstemperatuur.(zowel voor de convectie-als stralingsverliezen) Naar buiten toe lijkt me die deltaT ongeveer (70°C-30°C=)40°C overdag en (25°C-15°C=)10°C 's nachts. Dus het grootst tijdens de zon-instraling. De verliezen naar buiten zullen dus zeker niet het "dempen" van de amplitude verklaren.

Uiteraard is de zonnestraling de drijvende kracht aan de buitenzijde van de cyclische temperatuurswisseling aan het buitenoppervlak; En uiteraard mag je die ook netto tellen (winsten-verliezen) en dus netto leidend tot een varierende geveltemperatuur van 70°C tot 25°C. De winsten en verliiezen zijn dus de oorzaak van de (buiten)amplitude zelf, niet van de amplitudedemping.

De amplitudedemping slaat op het verschil met de amplitude binnen. En die is bijvoorbeeld van 22°C naar 25°C en terug.